Muziekblogs als de redding van muziekjournalistiek?

Waar we ons de vorige keer bogen over de doemberichten van ouderwetse muziekjournalisten over nieuwe evoluties, gaan we nu na welke mogelijkheden er in het verschiet liggen voor muziekjournalisten in het digitale tijdperk. We zijn van mening dat muziekjournalisten vrij hysterisch reageren op de groeiende macht van muziekblogs en de tanende verkoopcijfers van muziekmagazines.  In de realiteit bevinden ons nu eenmaal in een nieuw tijdperk, een tijdperk dat op dit moment mooiere toekomstperspectieven biedt dan het vorige tijdperk.

Wij volgen David Nordfor’s pragmatische kijk op de zaken in deze discussie. Voor hem is het eenvoudig: journalisten zien hun professie te veel als vastgekoppeld aan een bepaald medium. En in een tijd waarin de volledige loskoppeling van het medium zich voltrekt – het is goedkoper om je content op open-source-systemen uit te geven dan in een papieren versie- zorgt dit logischerwijs voor spanningen. Maar de man is allesbehalve een zwartkijker, volgens hem gaat het beter dan ooit met muziekjournalistiek (1). Het achterliggend principe is ook met de opkomst van muziekblogs onveranderd gebleven: een muziekjournalist moet zoveel mogelijk aandacht van zijn publiek genereren, en dat is exact wat er tegenwoordig gebeurt op blogs als pitchfork.com of onsmash.com.

Ook Zack Whittaker is de mening toegedaan dat men niet kan praten over de dood van muziekjournalistiek. Hij neemt liever het woord ‘transformatie’ in de mond, en heeft het dan vooral over een  transformatie van de autoriteit van de journalist. Zijn woorden zullen tegenwoordig niet meer blindelings gevolgd worden door de argeloze lezer, als was het een evangelische boodschap. En, eerlijk is eerlijk, al heeft de journalist nog een gigantische bagage: dat is maar logisch ook. Zijn mening is ook maar een mening. Die mag dan nog zo onderbouwd en objectief zijn als mogelijk, muziek is een subjectief veld waar elke mening in principe evenveel gewicht heeft. Naast een transformatie op het vlak van ‘autoriteit’, voltrok zich ook een transformatie van het medialandschap. We hebben tegenwoordig te maken met een Balkanisering van het medialandschap, maar dat houdt volgens Whittaker een enorm voordeel in: de doelgroep kan veel makkelijker bereikt worden dan vroeger. Dat geldt niet alleen voor muzikanten zelf, maar ook voor muziekjournalisten (2).

Steve Sutherland, sowieso al de meest genuanceerde criticus van muziekblogs, ziet een ander groot voordeel voor traditionele muziekjournalisten in de opkomst van het internet. Journalisten fungeerden vroeger vaak als doorgeefluik tussen muzikant/groep en fans, maar dat neemt gestaag af. Muzikanten en fans kunnen door allerhande innovaties en netwerken zelf met elkaar in contact komen. Hierdoor kunnen journalisten van printversies zich meer dan ooit richten tot kritiek, storytelling en diepte-analyses (3). Sowieso is er met de kwaliteit van de huidige muziekjournalistiek helemaal niets mis, althans volgens de muziekjournalist M. Mader. In tegenstelling tot de meeste van zijn vakgenoten, die enigszins nostalgisch terugblikken op de gloriedagen van de jaren ’60 tot ’80, zag hij toen vooral veel ‘bad, lazy journalism’ (4).

Met andere woorden, klakkeloos verspreiden dat muziekjournalistiek tegenwoordig geen moer meer voorstelt, is onnodig. Waar traditionele muziekjournalisten één en al vervlakking zien, zien wij vooral een zeer rijk landschap waarin iedereen zijn gading kan vinden. Bovendien zijn muziekblogs een zeer democratisch medium dat veel toegankelijker is dan papieren muziekbladen. Darryl Hall is van mening dat ze ideaal zijn voor beginnende of beloftevolle groepen. Immers, wie in een groot muziekblad terechtkomt, ‘is already fucking famous’. De auteur weet er nog een sneer naar Christopher Weingarten, die wij in een vorige blogpost aanhaalden, uit te persen: ‘Somehow, Weingarten sees logic in arguing that without big-name magazines using their once-a-month forum to tel lus about major-label releases, without listening to the radio or watching MTV, we’ve lost the ability to discover new music.’(5)

Wij vermoeden dat de meeste muziekjournalisten vooral schrik hebben om hun karig maandloon te verliezen aan muziekbloggers (wat hier en daar reeds gebeurt). Maar laat ons in deze vooral de woorden van Mark Mordue, een Australische muziekjournalist met een lange staat van dienst, onthouden: ‘Back in the days, the writers were as raw and unpaid as the young bands they were writing about’. Niemand is ooit muziekjournalist geworden voor het snelle geld. Op deze manier leunen de muziekbloggers, die in vele gevallen geen rooie duit verdienen aan hun passie, eigenlijk veel meer aan bij de aloude muziekjournalistiek van de jaren ’60 en ’70, een tijd waaraan de huidige muziekjournalisten vaak naar refereren als de gouden jaren

Bronnen:

1)      www.innovationjournalism.org/blog/2008/11/why-i-stopped-calling-journalism-media.html

2)      www.zdnet.com/blog/igeneration/journalism-vs-blogging-the-present-and-the-future/738

3)      www.guardian.co.uk/media/2000/oct/12/pressandpublishing.newsmedia

4)      www.neildaniels.com/Mader.html

5)      http://www.somethingawful.com/d/garbage-day/weingarten-music-journalism.php

Advertenties

Over muzikantenmedia
Student journalistiek met sterke interesse in zowel muziek als media. Bestudeert op deze blog kritisch de wederzijdse relaties tussen beide domeinen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: